Dag 22 Twitterdagboek

Een culinaire ontmoeting met de kale, vrolijke chef-kok Alexander Coupy van het Royal Livingstone Hotel in Zambia.

De chef-kok heeft een Zappa sikje onder zijn lip, zware zwarte wenkbrauwen en bruine olijke ogen. Met 54 werknemers verzorgt Coupy ontbijt, lunch, high tea en diner in het Royal Livingstone. Alles maken ze zelf.

Coupy bestelt alle ingrediënten vers en kan steeds meer in Zambia kopen. Lokale boeren worden getraind op kwaliteit.

“We hebben ook Zambiaanse gerechten op onze internationale kaart”, vertelt chef-kok Coupy trots. Chikanda is een heel populair gerecht in Zambia. Zeer voedzaam. Buitenlanders moeten eraan wennen. Ingrediënten komen uit de rivier. Vooral wilde planten. Het ziet er uit als een stevig vleesgerecht, maar het is vegetarisch.

Er gaan groundnuts in de Chikanda en een klein soort aardappelen. “Je kookt het in een zwarte zware pot op het open vuur. Het wordt buiten de keuken gemaakt”, zegt Coupy.

Het is een prachtig gerecht, volgens de chef-kok. Als het klaar is lijkt het een homp vlees. Vervolgens snij je het in plakken. De plakken Chikanda bakje weer in de olie met tomaten. Je eet het met maïspap. Het is een traditioneel gerecht.

Chikanda wordt bij ceremonies gebruikt, zegt chef-kok Coupy. In de Royal Livingstone staat het elke avond op de kaart. De Chikanda wordt bij het vijf gangen menu onder een baobab aan de rivier geserveerd door het Royal Livingstone. Krekels tsjirpen, een nijlpaard lacht. Het is donker over de Zambezi. Ik eet Chikanda. Stevig, vol, maar smaak? De Chikanda heeft niet zo veel smaak. Ik zou zeggen: een lekkere cranberry saus erbij en dan is het heerlijk.  Voor een Zambiaan ben ik een westerling met een niet zo’n verfijnde smaak als ik een sausje nodig heb. Tsja…!

Chef-kok Coupy komt met Kalembula aan. Gekookte groene zoete bladeren van een aardappelplant. “Kalembula lijkt veel op Japans Zeewier. Het heeft een heerlijke smaak. We kopen het lokaal”, legt Coupy uit. We gebruiken veel lokale kruiden”, legt chef-kok Coupy uit. Hij en Stain overleggen veel over kruiden voor de  keuken. “We hebben ook een keer geëxperimenteerd met het telen van een lokale truffel. Mislukt”, constateert Coupy lachend.

“De groenten op de lokale markt zijn enorm verbeterd. “Vroeger kocht ik er 1x per week, nu elke dag”, zegt Coupy tevreden.

Aan de Zambezi serveert hij een lokale vis. De naam is mij ontgaan, maar de smaak is prima. De Zambiaanse keuken is niet uitgebreid, maar heeft enkele interessante gerechten vindt de chef-kok van het Royal Livingstone.

 

Erik van Zwam.

erikvanzwam@xs4all.nl

Chikanda vegetarisch Zambiaaans gerecht

Chefkok Coupy met Zambiaans gerecht Chikanda

Dag 21 Twitterdagboek

De kruidentuin van het Royal Livingstone Hotel. De proeftuin van Stain Musungaila, de maatschappelijk werker van het hotel. De kruidentuin staat vol met lavendel, peterselie, rozemarijn, zwarte pepermunt, zoete basilicum, citroengras…

Bij het citroengras blijft Stain staan. Citroengras daar experimenteren hij mee. Het is goed tegen slangen. Als Zambianen citroengras om hun lemen hut zetten, komen er minder (giftige) slangen in hun huis. Veiliger.

Stain grijnst. “Dat is precies wat we hier doen. Nieuwe toepassingen van kruiden vinden voor de bewoners in Livingstone.” Hij gaat verder naar het gele Wormkruid. “Heel geschikt om insecten op afstand te houden. Muggen, malaria.”

De kruidentuin geurt. Het is een festijn voor de neus, maar wat je nou ruikt is in de veelheid van geuren niet meer te onderscheiden.

“We kijken ook naar de gele kerrie plant”, zegt Stain. Hij ruikt aan de groene bladeren. “Goeie business.” “Als we in Zambia gele kerrie kunnen telen, dan is dat zeer profijtelijk voor de boeren. We proberen het”, zegt Stain.

Stain loopt verder door de Kruidentuin. Overal staan potten met weer een andere plant. Hij stopt bij de Moringa. De plant gebruikt Stain in lokale visvijvers, waar vis wordt gekweekt om te eten of te verkopen aan restaurants.  “Het moringa kruid versterkt immuunsysteem van vissen”, zegt Stain. “Lokale kweekvijvers produceren zo meer vis.”

Stain wandelt verder in de zwoele, zoete, warme lucht. Er hangt een 100% luchtvochtigheid in de schaduw. Een fijnmazig visnet hangt boven de kruidentuin en zorgt ervoor dat de planten niet verbranden in de ongenadig brandende zon.

Stain stopt en wijst naar een plant: de Artemisia. “Het voorkomt malaria. In Zambia heel belangrijk.” Artemisia is het traditionele medicijn tegen malaria. De bittere smaak komt van de kinine in de plant. Stain wil de Artemisia op grote schaal gaan produceren voor de lokale bevolking, maar ook voor de export.

Het is niet bedoeling van Stain dat zijn baas, Sun International van de grote hotels, de export gaat doen. Stain wordt betaald om oplossingen te zoeken voor gezondheidsproblemen in de omgeving. Hij onderzoekt ook hoe lokale boeren meer geld kunnen verdienen met de teelt van gewassen, kruiden, de kweek van vis, etc. .

Stain verlaat de kruidentuin en loopt naar een rij bijenkorven. Een laatste stukje lokale magie of magie van Stain. “Olifanten haten bijen”, zegt Stain. “Bijen steken in de oren van olifanten en dat is erg pijnlijk.” Hij schudt zijn hoofd als een olifant die gestoken wordt.

Kruiden tegen ziekten  als malaria

Stain in kruidentuin

Olifanten willen nog weleens een dorp met de grond gelijk maken als ze in aanvaring komen met de lokale bevolking.

Stain: “Bijen beschermen dorpen tegen olifanten. Bijen leveren bovendien honing en dat is voedzaam en goed om te verkopen.” Stain laat nu bijenkorven om dorpen plaatsen om te zien of het woeste olifanten afschrikt.

Met zijn kruidentuin en bijen weert Stain slangen, olifanten, malaria en insecten. Trots kijkt hij me aan en lacht zijn onweerstaanbare lach. Zo zal ik mij Stain altijd herinneren. Lachend, pret, een big smile, hij ziet overal de lol in. Maar goed ook.

Erik van Zwam.

erikvanzwam@xs4all.nl

 

African countries agree on sale of rhino horn powder

Zimbabwe, Botswana, Zambia, Namibia and Angola are heading for a collision with rhino conservationists after it emerged that their governments had agreed to the sale of rhino horn powder in clinics and pharmacies.

[Lees meer…]

Dag 20 Twitterdagboek

Livingstone Centrum. Een brede hoofdweg met een middenberm en aan beide zijden een parallelweg met ruime parkeerplaatsen. Overal rijden langzaam hemelsblauwe taxi’s om passagiers op te pikken voor een ritje.

Stanley House en The Capitol Cinema vormen het hart van de hoofdstraat.  Aan de overkant het neoklassieke bankgebouw.

Tuin, trappen, Dorische zuilen leiden naar de ingang van het bankgebouw van de Finance Bank.  In 2000 duurde het vier uur om hier geld te wisselen. Het was de enige bank van Livingstone. Nu tietallen banken en veel ATM’s

Geld komt nu uit de muur. Bankpasjes geven geld bij pinnen. 12 Jaar geleden werkte een credit card nauwelijks als je die bij de Finance Bank af gaf om geld op te nemen.

Dat heet dus vooruitgang in Livingstone. Het luizenstadje is nu een toeristisch centrum.  Met zelfs een echte souvenir markt. Vroeger was het stadje Victoria Falls aan de overkant van de Zambezi in Zimbabwe hét toeristische centrum om de watervallen te bezoeken. De dictatuur van president Mugabe van Zimbabwe heeft het rivierstadje Victoria Falls ten onder doen gaan. Vrijwel niemand komt er meer. Livingstone in Zambia heeft van de neergang van #Zimbabwe enorm geprofiteerd.

In de hoofdstraat van Livingstone winkels van Vodafone, Kodak en zelfs een vestiging van de Barclays Bank. Ouderwets ogende reclameborden op winkelpuien met reclame voor Toshiba, Philips,  LG en BIC Pennen.

Aan het begin van de souvenirmark twee soldaten met Kalasjnikov.  Ze lijken volstrekt onnodig in Zambia. Shopjes met Zambiaans design: kettingen, kralen, houten sculpturen, doeken met blokprint motieven, realistische schilderijtjes…

Elke 2 meter houdt een verkoper je staande. Kom in mijn shop! Kijk! Wat zoek je! Nee ik heb geen vragen.

Doek met blokprint van Afrikaans landschap 120 .000 kwacha = 15 euro. Houten leeuwen. Handgesneden nijlpaard van teakhout.  Claire, een verkoopster met die Zambiaans lach. Afrikaanse oorbellen te koop. 4 voor 5 dollar. Ach…. die Claire! Zij blij. Daar gaat het om.

Rasta haar. Lange magere man. Naam Hans. Hans! Hans? Een Afrikaan die Hans heet? Zijn ouders wonen in Rotterdam. Hans verkoopt wat ik wil. Hij moet 4 kinderen onderhouden, maar wil naar zijn ouders. Hij wil naar het Walhalla. Het Walhalla heet Rotterdam.

Kan ik helpen om Zambiaan Hans naar Rotterdam te krijgen. Helaas. Maar zijn bloedjes van kinderen dan?  Ben ik dan niet even bezorgd over hun toekomst als vader Hans? Tsja…!

Wil ik misschien wisselen, vraagt Hans. Hij wisselt alles: euro’s, rand, dollars, kwacha’s ponden. Helaas, met mijn bankpasjes kome de kwacha’s gewoon uit de muur.

Naast Dapp Fund Raising is er een enorme drukte op het trottoir bij een kledingwinkel. Vrouwen graaien in een grote berg kleren. Koopjes. T-shirts, broeken, jassen voor 5000 kwacha = 62 eurocent. Ook in Zambia heet dat UITVERKOOP!

Verkoopster souvenir markt Livingstone

Claire verkoopster souvenirs

Erik van Zwam.

erikvanzwam@xs4all.nl

Dag 19 Twitterdagboek

Gezondheidszorg is eigen risico. Belasting betalen ook.

Belasting betalen, maar geen verzekering

Taxi Chella rijdt van het hotel naar Livingstone Centrum. Overal in het stadje rijden hemelsblauwe taxi’s.

De taxichauffeur is een grote man met een rond kaal hoofd. Hij geeft mij les over de prijzen in Zambia.

Om rond te komen moet een Zambiaans gezin 2.500.000 kwacha per maand verdienen. Dat is 310 euro. Gemiddeld verdient een gezin minder dan helft, zo’n 150 euro per maand. Dus je bezuinigt op de huur. Je neemt ‘n eenkamer woning. Veel gezinnen leven in een eenkamer appartement.

Een kip kost 25.000 kwacha, zo’n dikke 3 euro. Peperduur!

Kleding koop je 2e hands. Import uit VS of Europa. Heel goedkoop. Overhemd 2e hands is 1 à 2 euro. Nieuw: 10 euro. We rijden langs gloednieuw winkelcentrum met zelfs een grote SPAR winkel. Mijn chauffeur taxi komt er nooit. Onbetaalbaar. Zelfs elektronica koop ik op de markt 2e hands, zegt de taxichauffeur. Een nieuwe Dvd-speler of televisie is niet te betalen.

Nee, een ziektekostenverzekering kennen ze niet in Zambia. Een consult in het ziekenhuis kost 20.000 kwacha = 3 euro.

Zambianen komen dus liever niet in het ziekenhuis. Gezondheidszorg is duur, want ze moeten het zelf betalen.

Onze chauffeur van de Chella Taxi lacht. Verzekeringen? Nee die kennen we niet in Zambia. Nergens voor, behalve de auto. “Als ik mij dood rij met de taxi betaalt mijn baas mijn doodskist, meer niet”, lacht de taxichauffeur.  “Als ik bij een ongeluk op de taxi niet meer kan werken, dan is dat mijn pech. De baas betaalt niets. Dat soort verzekering bestaat niet in Zambia.”

“Mijn enige pensioen is mijn zoon”, zegt de taxichauffeur. “Als hij mijn werk overneemt, dan ja…”.

Livingstone Centrum. We zijn er. Dat is 80.000 kwacha!!! Oh, tien euro. Een tientje is voor zo’n ritje niet veel.  80.000 wel!!!!!!

 

Erik van Zwam.

erikvanzwam@xs4all.nl

Dag 18 Twitterdagboek

Vliegen over Zambezi en watervallen

Helikopter vlucht over Victoria Falls en Zambezi

Ochtend. Ik schuif de gordijnen van mijn hotelkamer open. Drie Zebra’s lopen tussen mij en de Zambezi over het gras op vijftien meter afstand. De Zambezi ligt er grauw bij. Het regent met vlagen. De zon laat op zich wachten. De dag begint met een helikoptervlucht over Victoria Falls.

Ontbijt in het Royal Livingstone Hotel alle soorten fruit, yoghurts, mus li’s , cerials, kazen, worsten, hammen, sappen…

Buffet én ontbijt van de menukaart. Alle soorten eieren: gebakken, gepocheerd, gekookt, omelet, met zalm of? You name it.

Met een volle maag brengt chauffeur James me naar het Helideck 20 minuten rijden van het hotel. Striemende regen slaat onder het zeil van de Toyota Landcruiser door. Kletsnat.

Klim naar het Heliplatform met panoramisch uitzicht over de bush en de rivier. In de verte Mosi O-Tunya, Victoria Falls.

Korte instructie. Wieken zoeven boven me als ik instap. Riem vast. Piloot Andrew. Gebruind. Zwart kort haar. Ray-Ban. Opstijgen. De wereld krijgt andere proporties. Het puzzelstukje waarvan ik opstijg, valt samen met andere puzzelstukjes van Zambia. Groene, bruine, blauw, grijze landkaart onder me.  Mist. Witte wolken. We duiken er doorheen.

De Zambezi.  Wat een brede rivier. Overal eilandjes. Drijvende struiken. Kale bomen in het water. Long Island.  Kloven. Veel kloven achter elkaar. Water spat schuimend hoog op. En valt. Watervallen. Victoria Falls.

Een machtig gezicht de Zambezi en Mosi O-Tunya omkranst door groen bush landschap. Net een grafische landkaart.

Spectaculair uitzicht. De heli duikt naar de watervallen. Scheert er overheen. Het zilvergrijze water dondert omlaag.

Steile bruin, rode rotswanden met groen plukken erop vormen diepe kloven waar de Zambezi in verder gaat.

Op Long Island, midden in de rivier de Zambezi staan olifanten te eten. Ze zijn erheen gezwommen.  Grauwe regenwolken naderen laag hangend de rivier. De horizon is een streep groen, een streepje licht en een dikke streep grijs erboven.

15 minuten vliegen is lang en kort tegelijk. We dalen. Heliplatform in zicht. Touch down naast de baobab. Wat een belevenis. Voor 25 dollar kan ik tocht op video keer op keer beleven. Met shots van mijzelf, terwijl we vliegen, erin gemonteerd.

 

Erik van Zwam

erikvanzwam@xs4all.nl

Water storage essential for Africa’s future

The average annual rainfall across the continent is around 800mm a year. Conditions vary from country to country – and within countries. But it is not necessarily the amount of rainfall a country receives that is of most importance. What is essential for a country’s growth and prosperity is that it has a predictable water supply.

[Lees meer…]

Dag 17 Twitterdagboek

Half vijf in de middag het cruiseschip The African Queen ligt dampend in de namiddagzon op de Zambezi te wachten. We gaan aan boord van het dubbeldeks cruiseschip. Overal zitjes met rotan rookfauteuils met leren bekleding. Op het bovendek een ronde bar.

Een reling met een boord erlangs om hapjes en drankjes op te zetten. De ober serveert Passion Fruit Cocktails. The Africa Queen komt langzaam van de oever los en drijft naar het midden van de Zambezi op de stroom van de rivier.

We varen van Victoria Falls af, stroomopwaarts. De zon daalt snel. Gouden baan licht op de rivier. Cruiseboot koerst langs een groot eiland in de rivier, dat zo lang is, dat het de andere oever van de Zambezi lijkt.

Over de speaker een sonore stem: “Hier landde koningin Elisabeth I in 1905. Het heet hier daarom: the royal mile. Het was het eerste bezoek van een vorst aan Noord Rhodesië, het huidige Zambia”, vervolgt de prachtige donkere stem. De stem lijkt op de stem bij de Bondfilm “The Spy who loved” me waar een lichtshow plaatsheeft bij de piramide van Cheops. James Bond in het nauw wordt gedreven door Jaws.

We glijden over het spiegelgladde water van de Zambezi. Ver weg, boven de rivier zwarte wolken met regengordijn Tergend langzaam glijdt de boot langs een kudde nijlpaarden. De groep hyppo’s is niet blij met indringers.

Nijlpaarden zijn erg territoriaal. Boos uiten ze luid snuivend hun ongenoegen, briezen en wapperen met de oren. Enkele nijlpaarden duiken en komen weer boven. Het mannetje doet dreigend zijn muil wijd open. Het mannetje showt zijn lange vlijmscherpe tanden; ivoren messen.  We zijn te dichtbij. Wegwezen is de boodschap.

De camera’s klikken. De cruiseboot is te groot voor het nijlpaard, maar dat snapt het nijlpaard niet. Weer laat de hyppo zijn enorme tanden zien. Zijn gigantische roze bek gaat wel 75 cm open. Het ivoor flikkert ons tegemoet.

Het typische geluid van een nijlpaard klinkt verderop. Ho-ho-ho. Een traag lachende Kerstman galmt over het water. “Waar komt dat vandaan”, roept een van de gasten verbaasd. “Ho-ho-ho…” Ze gelooft niet dat het een nijlpaard is.

Bij het vallen van de avond is er een gevecht tussen 2 nijlpaard mannetjes. Bekken wijd open. Tanden in de aan slag. Happen. Duwen. Bovenop het andere nijlpaard zien te komen. Water spat op. Tanden klappen op elkaar. Tanden krassen in het vlees. Een nijlpaard zwemt achteruit. De ander spurt naar voren. Weer happende bekken en tanden. De cruiseboot doet er niet meer toe. Water schuimt. Nijlpaarden vechten. Territorium drift. Wie krijgt de vrouwtjes?

Foto na foto. Je waant je Frans Lanting. Maar die stond in het water. Wij veilig op de boot. Toch mooie plaatjes. Een van de twee mannetjes trekt zich terug. De ander staart hem opgewonden en trots na. De winnaar!

Nog maar een cocktail. Het cruiseschip vaart de nacht in. Terug naar de kade. De krekels beginnen te zingen.

De Zambezi bij zonsondergang vanaf een cruiseboot

Vechtende nijlpaarden in de Zambezi

Erik van Zwam

erikvanzwam@xs4all.nl

Enorm nieuw reservaat zuidelijk Afrika

Vijf landen in zuidelijk Afrika hebben donderdag overeenstemming bereikt over de vorming van het grootste internationale natuurreservaat ter wereld.

[Lees meer…]

Dag 16 Twitterdagboek

We staan voor een enorme ijzeren poort. Vrolijk beschilderd met spelende kinderen die acrobatische toeren uithalen. De conciërge van het weeshuis opent de zware poort zodat de Toyota van James er door kan. Lubasi Home.

In het weeshuis kunnen 38 kinderen wonen. Nu wonen er veel minder kids dan vroeger. De noodzaak neemt af, constateert Stain. Hij komt hier vaak. Alle kinderen kennen hem. Veel kids heeft hij van straat gehaald als kindermepper.

Christiana Mutiktela is directeur van Lubasi. Zij verwelkomt Stain hartelijk. Ze heeft een probleem met John. Het weeskind John is nu volwassen geworden. Hij is 18 jaar en moet het weeshuis verlaten. Waarheen?

John komt binnen. Geeft iedereen een hand. Hij gaat zitten. Zachtaardige jongen. Groen, wit gestreept polo shirt aan. Er staat een groot logo op van Carling. Brits bier merk. John heeft een prachtige, beleefde smile.

John zijn vader overleed toen hij jong was. Zijn moeder kon niet voor hem zorgen. Dus moest hij naar Lubasi weeshuis. John heeft het prettig in Lubasi. “Goed eten, lekker bed, schone kleren en een goede schoolopleiding.”

Voorkomende, slimme  jongen die John. Hij wil medicijnen gaan studeren als hij zijn examen heeft gehaald. Verlegen zegt John; “Ik wil dokter worden en anderen mensen helpen.”

Hij wil naar de universiteit in Lusaka . In de tussenliggende maanden, weet hij niet wat hij moet doen. John moet het weeshuis uit. En hij weet niet waar hij de komende maanden moet wonen of van moet leven. Stain stuurt John naar buiten voor overleg met de directeur van Lubasi, Christiana. Stain heeft een plan. “Als John wil, kan hij in het Royal Livingstone Hotel de komende maanden werken.  Er is ook onderdak”, zegt Stain. Hij kan bij het Royal Livingstone Hotel werken totdat hij gaat studeren. De directeur van het weeshuis is blij. Zij gaat met John praten. Stain vertrekt met een grote glimlach. Dit is weer geregeld. Buiten geeft Stain John een hand en een aai over zijn bol. “Goeie jongen”, mompelt Stain als we door de poort rijden.

John moet weeshuis verlaten. Hij is 18 jaar.

John uit Lubasi Weeshuis

Erik van Zwam

erikvanzwam@xs4all.nl